Bel mij terug

uw naam

uw telefoonnummer

uw e-mailadres

gewenste datum en tijdstip

behandeling/therapeut


De waarheid over suiker

Steeds duidelijker wordt dat het volgen van een uitgebalanceerde wijze van eten, cruciaal is voor onze gezondheid. Volgens een uitspraak van de Franse oncoloog dr. Richard Beliveau, bevordert ons voedingpatroon maximaal de groei op kanker. Suiker vormt hier een belangrijk onderdeel van. Laten we eens kijken hoe het zit met suiker.

Volgens dr. David Servan-Schreiber is de consumptie van geraffineerde suiker enorm gestegen. In de oertijd, toen onze genen zich ontwikkelde, nuttigde een persoon hoogstens 2 kilo honing per jaar.

Inmiddels is het verbruik van geraffineerde suiker gestegen tot de onthutsende hoeveelheid van 70 kilo per jaar. 56% van de hoeveelheid calorieën welke zich in voedsel bevind komt slechts uit 3 voedingsbronnen die nog niet bestonden toen onze genen zich ontwikkelde.

  1. Geraffineerde suikers ( rietsuiker, bietensuiker, maisstroop, fructose e.d. )
  2. Bloem ( witbrood, witte pasta, witte rijst e.d. ) 
  3. Plantaardige oliën ( soja, zonnebloem, maïs , transvetten.

Deze voedingsbronnen bevatten geen van allen de vitaminen, eiwitten, mineralen, of omega 3 vetzuren die we nodig hebben om ons lichaam in conditie te houden. Daar en tegen zijn het rechtstreekse voedingstoffen voor kanker.

Kanker tiert welig op suiker

Suiker wordt na het eten in ons lichaam omgezet in glucose en vervolgens opgenomen in het bloed. Glucose is de vorm van suiker als die eenmaal verteerd is door het lichaam. Daar zet die ons lichaam aan om insuline te produceren . Insuline is een nuttige stof, want insuline zorgt ervoor dat de glucose naar onze spieren gaat als brandstof en stuurt de overtollige glucose naar ons vetweefsel, waar het wordt opgeslagen. Insuline heeft ook een mindere kant, het is als ware brandstof en verantwoordelijk voor de krachtige groei van kanker tumoren volgens bioloog Otto Heinrich Warburg. Eigenlijk kan je met een PET-scan welke wordt gebruikt om kanker op te sporen, simpelweg de gebieden in het lichaam opsporen welke de meeste glucose gebruiken. Als een bepaald gebied opvalt doordat het veel suiker gebruikt, is de oorzaak daarvan meestal kanker. Het lichaam verdraagt slecht geraffineerde suikers.

Nu hebben ook nog fructosestroop. Het zit in enorm veel voedingsproducten. Deze geconcentreerde suikers verhouden zich ten opzichte van natuurlijke suikers ongeveer als opium ten opzichte van papavers. Als het losgeslagen van zijn bron en gemengd word met glucose, dan kan het niet meer zonder kwalijke neveneffecten worden verwerkt door de insuline die ons lichaam produceert. Dan word het giftig. Er zijn zeer goede redenen om aan te nemen dat suikers bijdragen aan de kanker epidemie.

Voedsel keten is verziekt

Veel van de bekende ziekten zoals Adhd, reuma, kanker , hart en vaatziekten, suikerziekte, geheugenverlies , verslavingen hebben als basis de inname van geraffineerde suikers. Als je over het internet surft kom je heel wat tegen over suiker. Slogans; “suiker het witte gif” “ Geraffineerde suiker, het lekkerste gif op aarde”. Je word er niet vrolijker van als je het leest. Geraffineerde suiker zit namelijk onderhand overal in. Je kan het zo gek niet bedenken of er zit geraffineerde suikers in . In soep, in worst, in vlees, in melk enz. Het is kunst om producten te vinden waar geen suiker in zit. En wij in deze westerse wereld zijn opgevoed met het idee dat suiker ons snel energie verschaft. En nu zitten we met een wereld die verslaafd is aan een van de meest giftige stoffen “ suiker” die het lichaam tot zich kan nemen. Er word zelfs verondersteld dat de problemen met suiker groter zijn dan alcohol en tabak samen. De invloed van suiker merk je pas goed wanneer je het niet meer inneemt. Je krijgt dan last van trillen, zweten, hartkloppingen, stress ect. Het lichaam blijft maar vragen om een suikershot. Ondanks dat je misschien oplet wat je aan suiker tot je neemt, kun je toch grote hoeveelheden naar binnen krijgen. Neem bijvoorbeeld een flesje Liptonice of gewoon een flesje Ace. Voor je het weet heb je circa 1,5 ons aan suiker geconsumeerd. En vergeet niet dat er stoffen bijgevoegd zijn om je meer te laten drinken. Maar ook kleurstoffen en vele E- nummers. En kort na dat je het gedronken begint het lichaam weer te vragen om meer. Kinderen zeuren daarom de gehele dag door om maar aan suiker te komen. En ze kunnen er zelf niets tegen doen. Die bal ligt bij de ouders. En als je bedenkt dat dr. David Servan-Schreiber stelt dat we 70 Kg suiker consumeren vraag je toch wel af? Waar gaan we naar toe?

Insuline

Suiker wordt direct door het lichaam opgenomen waardoor de glucosespiegel in het bloed snel stijgt. Als reactie hierop maakt het lichaamgrote hoeveelheden insuline aan. Voor de lever is die insuline-aanmaak een signaal om het overschot aan glucose als vet op te slaan. Als er vaak en veel suiker wordt gegeten “leert” de pancreas snel grote hoeveelheden insuline af te geven, zodat er enorme schommelingen van de bloedsuikerspiegel plaatsvinden. Bij een snelle daling, die altijd volgt op een snelle stijging, daalt het energiepeil enorm.

Suiker is een vitamine rover

Bij de raffinageprocessen in de fabriek wordt de kwaliteit van de suikerbiet als voedingsstof nogal aangetast. Belangrijke stoffen als vitamines A, B, C en D, en mineralen als calcium, ijzer, magnesium, selenium, zink en chroom worden bij dit proces verwijderd. Wat er overblijft zijn eigenlijk alleen maar koolhydraten. Voor een gezonde spijsvertering zijn echter deze vitamines en mineralen noodzakelijk. Deze stoffen worden daarom op andere plaatsen aan het lichaam onttrokken. Grotere consumptie van suiker berooft het lichaam van zijn reserves aan vitamines en mineralen waardoor ons lichaam uit balans raakt en er allerlei klachten kunnen ontstaan, zoals botontkalking, gebit en botproblemen door demineralisering van onze botten, maar ook hypoglykemie, diabetes mellitus type 2, zwaarlijvigheid, gewrichtsinfecties, menstruatieproblemen, hartziekten, bloedarmoede enz.

Tevens creëert suiker een disbalans in de neurotransmitters in de hersenen, wat zowel mentaal als emotioneel tot een "niet lekker in je vel"-gevoel kan leiden. Suiker werkt verslavend en het draagt in hoge mate bij aan depressie, concentratie-problemen, onrust, en afname van de geestkracht, geheugenverlies, nervositeit, zelfmedelijden, prikkelbaarheid enz.

 

 

Suiker veroorzaakt hypoglycaemie (schommelen van bloedsuiker spiegel)

Suiker veroorzaakt hypoglycaemie. Om de werking van hypoglycaemie op uw lichaam te begrijpen leggen we u eerst uit welk oorzakelijk verband er tussen levensmiddelen en hypoglycaemie kan bestaan. Onze organische en anorganische voeding bestaat vooral uit:

  • eiwitten (ketens van aminozuren) welke vooral in dierlijke en plantaardige voedingsmiddelen voorkomen zoals vlees, vis, melkproducten, peulvruchten en eieren.
  • vetten welke zowel in dierlijke als plantaardige producten voorkomen zoals vlees, boter, kaas, olie, vis etc. 
  • koolhydraten of gluciden (koolstof, waterstof en zuurstof moleculen) die vooral in suiker of zetmeel houdende producten voorkomen zoals fruit, aardappelen, brood, rijst, snoep, honing etc. 
  • voedingsvezels die we vinden in verse groenten zoals sla, prei, spinazie, witlof, fruit, peulvruchten en onbewerkte granen.

Vooral de koolhydraten zorgen voor de problemen. Na het eten van koolhydraten schiet door de productie van glucose, naast de directe primaire energie de belangrijkste indirecte brandstof van uw lichaam uw bloedsuikerspiegel na ongeveer een half uur omhoog. De alvleesklier zorgt hierna voor de aanmaak van het hormoon insuline waardoor de glucose kan doordringen in ons weefsel waarna de bloedsuikerspiegel weer omlaag gaat. De opgenomen glucose kan nu als energie gebruikt worden. Wanneer er meer insuline door een verstoorde alvleesklier geproduceerd wordt dan nodig is om de glucose te verwerken wordt het in de voeding aanwezige vet opgeslagen als vetreserves.

We kennen twee soorten koolhydraten. Snelle en langzame. Snelle koolhydraten waartoe geraffineerde suiker, honing, fruit glucose en sacharose behoren worden snel door het lichaam opgenomen (snelle energie) . Langzame koolhydraten zoals zetmeel welke een verandering moeten ondergaan in het spijsverteringsproces voordat ze kunnen worden omgezet tot enkelvoudige suikers (glucose). Tegenwoordig worden koolhydraten dan ook ingedeeld in een Glycemische index. Deze geeft het vermogen om glucose te produceren en de bloedsuikerspiegel te verhogen aangeeft. Is de Glycemische index hoger dan 50 dan praten we over slechte koolhydraten. Is deze lager dan 50, dan spreken we over goede koolhydraten. In de slechte categorie vallen suiker in al haar vormen (dus ook alcohol) en witte zetmeel producten. Vooral wanneer slechte koolhydraten gecombineerd gegeten worden met vetten worden er constant vetreserves opgebouwd. Wanneer je dus echt dik wilt worden moet je constant combinaties van slechte koolhydraten en vet eten.

Bij hypoglycaemie hebben we dus te maken met een disregulatie van de bloedsuikerspiegel. De inname van elke vorm van suikers veroorzaakt een sterke verhoging van de bloedsuiker spiegel in de bloedbaan en mensen kunnen dus klachten krijgen door echte hypo's of door snelle verandering van de bloedsuikerspiegel.
Vooral dit laatste geeft bij deze groep mensen de klachten.
Een stabiele bloedsuiker is van het grootste belang voor het goed functioneren van het lichaam, in het bijzonder de hersenen.
De bloedsuikerspiegel dient zich te begeven tussen de 4.5 en 4.9 mmol/l. Vooral de hersenen reageren sterk op te hoge of te lage bloedsuikerspiegels. De bloedsuikerspiegel wordt gereguleerd door verschillende organen middels hormonen. Deze kunnen een verlagend of een verhogend effect hebben.

Glycemische waarden

Het is enigszins wetenschappelijk maar als je het leest kun je al de context begrijpen wat nu volgt. De Glycemische index (GI) is een maat voor de snelheid waarmee een koolhydraatbevattend voedingsmiddel wordt verteerd en geabsorbeerd tijdens de postprandiale periode ( periode na de maaltijd) en het bloedsuikergehalte doet stijgen. Wanneer de Glycemische respons van dit voedingsmiddel wordt vergeleken met de Glycemische respons van een referentievoedingsmiddel (wit brood of glucose), bekomt men de GI van het voedingsmiddel.
De GI van een voedingsmiddel wordt ook gedefinieerd als het gebied (gedurende 2 uren) onder de Glycemische responscurve na inname van 50 g verteerbare koolhydraten (totale hoeveelheid koolhydraten min de vezels) in de vorm van het testvoedingsmiddel, uitgedrukt in een percentage van de respons van eveneens 50 g verteerbare koolhydraten uit een referentievoedingsmiddel, namelijk wit brood of glucose (zie tabel 1). De GI van een voedingsmiddel uitgedrukt ten opzichte van wit brood als referentie is 1,4 maal de GI uitgedrukt ten opzichte van glucose als referentie.

Voedingsmiddelen met een hoge GI (meer dan 70, met glucose (GI=100) als referentie) doen het bloedsuikergehalte snel stijgen en resulteren 2 uren na inname in een groot gebied onder de Glycemische responscurve. Voedingsmiddelen met een lagere GI doen het bloedglucosegehalte meer geleidelijk toenemen. Een middelmatige GI situeert zich tussen 55 en 70, een lage GI bedraagt minder dan 55. Zetmeelrijke voedingsmiddelen hebben niet noodzakelijk een lagere GI dan enkelvoudige suikers omdat polysachariden in principe direct kunnen worden omgezet in glucose.

Belangrijk knelpunt van het GI-concept is echter dat de GI van een voedingsmiddel sterk kan variëren onder invloed van verschillende factoren (zie verder). De Glycemische respons kan bij dezelfde persoon bovendien verschillen van dag tot dag. Dit betekent dat voedingsaanbevelingen voor zowel de algemene bevolking als een individu vooralsnog moeilijk op het GI-concept kunnen worden gebaseerd. De GI is dan ook in de eerste plaats ontwikkeld als een onderzoeksinstrument om koolhydraatrijke voedingsmiddelen op een fysiologische basis te kunnen indelen en vergelijken.

Glycemische “ lading “

De glycemische “ Lading” (GL) is een relatief nieuwe methode om de impact van koolhydraten op de glycemie te beoordelen. De GL is gebaseerd op de GI maar geeft een meer volledig beeld. De GI vertelt hoe snel de koolhydraten uit een bepaald voedingsmiddel in glucose worden omgezet maar houdt geen rekening met hoeveel koolhydraten er precies in een portie van het voedingsmiddel zitten. De GI wordt immers altijd berekend op 50 g koolhydraten. De glycemische respons van een voedingsmiddel hangt echter niet alleen af van het soort voedingsmiddel en het type koolhydraten maar ook van de hoeveelheid die wordt gegeten. Bijvoorbeeld, bereide wortelen kunnen een hoge GI hebben, maar de GL van een portie bereide wortelen is laag omdat een doorsnee portie slechts weinig koolhydraten bevat.

De GL van een voedingsmiddel wordt als volgt berekend: GL = (GI : 100) x verteerbare koolhydraten per portie (g).

Een hoge GL is gelijk of groter dan 20. Een middelmatige GL situeert zich tussen 10 en 20 en een lage GL is gelijk of kleiner dan 10. Voedingsmiddelen met een lage GI hebben altijd een lage GL. Voedingsmiddelen met een middelmatige of hoge GI kunnen zowel een lage als een hoge GL hebben.

 Tabel 1: Glycemische index (GI) en glycemische ‘load’ (GL) van een aantal voedingsmiddelen met glucose (GI = 100) als referentie.

Voedingsmiddel GI portie (g) KH (g)/portie GL/100g GL/portie
fructose 19 ± 2 10 10 19 2
lactose 46 ± 2 10 10 46 5
sucrose 68 ± 5 10 10 68 7
           
pindanoten 14 ± 8 50 6 2 1
chocolade (melk) 43 ± 3 50 28 24 12
chips 54 ± 3 50 21 23 11
honing 55 ±  5 25 18 39 10
gebak 59 ± 6 57 26 27 15
popcorn 72 ± 17 20 11 39 8
           
appelsap (ongezoet) 40 ±  1 250 29 5 12
tomatensap 38 ± 4 250 9 1 4
sinaasappelsap 50 ± 4 250 26 5 13
           
roggebrood (volkoren) 58 ±  6 30 14 28 8
melkbrood (wit) 63 ± 10 60 32 34 20
tarwebrood (wit) 70 30 14 32 10
tarwebrood (volkoren) 71 ±  2 30 13 32 9
stokbrood (wit) 95 ± 15 30 15 49 15
           
muesli 55 ± 10 30 19 35 10
cornflakes 81 ± 3 30 26 69 21
           
aardappelen (gekookt) 50 ± 9 150 28 9 14
aardappelpuree 74 ± 5 150 20 120 15
frieten 75 150 29 15 22
aardappelen (gebakken) 85 ± 12 150 30 17 26
           
spaghetti (volkoren, gem. gekookt) 37 ± 5 180 42 9 16
spaghetti (wit, 10-15 min. gekookt) 44 ± 3 180 48 12 21
rijst (wit, parboiled, gem. gekookt) 47 ± 3 150 36 11 17
rijst (basmati, 10 min. gekookt) 60 ± 5 150 38 15 23
rijst (bruin parboiled, 20 min. gekookt) 64 ±  7 150 36 15 23
couscous (5 min gekookt) 65 ± 4 150 35 15 23
           
kersen (rauw) 22 120 12 2 3
appel (rauw) 38 ± 2 120 15 5 6
peer (rauw) 38 ± 2 120 11 3 4
druiven (rauw) 43 ± 3 120 18 7 8
banaan (rauw) 52 ± 4 120 24 10 12
           
volle melk 27 ± 4 250 12 1 3
magere melk 32 ± 5 250 13 2 4

Bron: R. Mendosa. Revised international table of glycemic index (GI) and glycemic load (GL) values - 2002 (voor meer gegevens, surf naar http://www.mendosa.com/glycemic_index.pdf); gebaseerd op Foster-Powell K., Holt S.H.A., Brand-Miller J.C. International tables of glycemic index and glycemic load values. Am J Clin Nutr 2002; 76:5-56.

Conclusie

Er valt veel over te zeggen over geraffineerde suikers, maar als je erin verdiept wordt al heel snel duidelijk, wat de gevaren van geraffineerde suikers voor de mens zijn. Het is niet niks, het veroorzaakt depressie, nervositeit, zwaarlijvigheid, bloedarmoede, hartklachten, menstruatieproblemen enzovoort. Geraffineerde suikers beroven het lichaam van de belangrijke vitamines en mineralen. Hierdoor ontstaan allerlei klachten. Het schommelen van de bloedsuikerspiegel ( hypoglycaemie) leid tot zwaarlijvigheid en worden onnodig vetreserves opgebouwd. Maar ook de hersenen hebben er last van en kan het leiden tot geheugen verlies. Heel vervelend word het wanneer blijkt dat geraffineerde suikers bijdrage aan de kanker epidemie.
Geraffineerde suikers blijken bijna in alles te zitten. Fabrikanten stoppen het erin om het beter te laten smaken en het goed opletten wanneer je onnodig geraffineerde suikers wilt voorkomen in je voeding. Dus goed lezen van de verpakking zal je helpen om het te voorkomen.
Vraag; Kun je zwaarlijvigheid voorkomen bijvoorbeeld door minder geraffineerde suikers te eten? Het antwoord is ja. De glycemische waarden van je voeding is hierin uiterst belangrijk, hoe lager de glycemische waarden van je voeding, hoe minder vet er wordt aangemaakt in je vetweefsel.
Geraffineerde suikers blijkt gewoon gif te zijn en leidt tot schade voor de mens. Binnenkort wordt je op de hoogte gehouden met de ontwikkeling inzake voeding. Dus als je beter wilt voelen, slank wil blijven maak een afspraak en kijk eens op de website onder het hoofdstuk voedingscan.

Bronnen:

Eten tegen kanker. Dr. Richard Beliveau,Dr.Denis Gingr

Antiekanker een nieuwe levensstijl. Dr. David Servan-Schreiber

Wereld kankerfonds

Hoewel de termen glycemische respons, glycemische index en glycemische ‘load’ verschillende betekenissen hebben, worden ze in de literatuur vaak door elkaar gebruikt.